Baie de Baly (Madagascar) – Richards Bay (Zuid Afrika), positie 28.47.65S 32.04.75E
Afgelegd 1427 mijl
totaal 32.195 mijl
Negen uur, anker gaat op. Het is bijna 1200 mijl naar RichardsBay (Zuid Afrika). Het weergat is niet groot genoeg om in één keer Zuid Afrika te halen, dus het plan is om te stoppen in Mozambique, in Bazaruto, ongeveer 650 mijl varen. Ruim 6 dagen varen denken we. Maar dat blijkt anders uit te pakken. We hebben weinig wind in het begin. Dus veel op de motor, dan de wind uit de verkeerde hoek en uiteindelijk krijgen we twee dagen 30 tot 35 knopen over ons heen. We moeten hoog aan de wind. En voor het eerst hebben we een breker midden in de kuip, een golf water spoelt zelfs naar binnen. Jakkes. We doen ruim 8 dagen over de tocht, en maken meer dan 200 mijl extra. In Bazaruto blijven we 10 dagen liggen, wachten op het juiste moment om de laatste 511 mijl naar Richards Bay af te leggen. Dit keer hebben we een goed weergat. We stoppen nog even in Inhambane, maar daar liggen we zo onrustig dat we drie uur later het anker alweer ophalen. We gaan door naar Richards Bay. Vlak voor mijn verjaardag arriveren we in Zuid Afrika! Wil je meer weten over deze oceaanoversteek kijk dan in ons oceaan logboek.
Maandag 3 november 2014: Richards Bay
Hieperdepier. Ik ben jarig! Alweer een jaar ouder. Het gaat maar door. Ik vier
mijn verjaardag wel op de vreemdste plekken. Dacht ik nog even dat wordt dit keer een verjaardag op zee, maar nee we krijgen op tijd
weer land onder onze voeten.
We nemen de taxi naar de Boardway walk. Een groot winkelcomplex, 3 bij 3 kilometer groot. De overgang
met het arme Madagaskar is ons te groot. We moeten enorm wennen aan de overvloed en drukte. Bij elke geldautomaat staat een potige
vent met een mitrailleur in de handen.
In de marina liggen we naast een motorboot, die elke dag een paar keer uitvaart naar de grote
cargo schepen die hier voor de kust voor anker liggen. Ze vervoeren de bewakers. Stevige potige kerels, met koffer vol met wapens,
worden vervoerd. De cargo schepen krijgen hier bewaking aan boord ter bescherming tegen de piraterij op de Indische Oceaan.
’s Avonds
vier ik mijn verjaardag op zijn Zuid Afrikaans met een braai. Bij de jachtclub is elke maandag avond braai, do-it-your-self. Je moet
zelf je eten meebrengen, maar je mag gebruik maken van de braai faciliteiten. Wij noemen de braai een BBQ. Het is gezellig met zeilers
en gelijkgestemden onder elkaar.
Dinsdag 4 november 2014: Richards Bay
Zo het eerste avontuur zit er alweer op. We lijken
een abonnement te hebben op afgebroken steigers. Het begint te waaien, en te onweren. Maar we liggen veilig aan de steiger in een
marina. De wind loeit door de masten. En dan opeens, bang! De bevestiging van de vingersteiger breekt deels af. Hebben wij weer. Gelukkig
zijn er zeilers die meehelpen. EN met wat extra handen brengen we lange lijnen uit naar de volgende steiger. Dat moet voldoende zijn
om de nacht door te komen.
Woensdag 5 november 2014: Richards Bay
Frans meldt dat onze steiger aanhechting deels afgebroken is.
En eerlijk-is-eerlijk, het wordt direct opgepakt. De hele ochtend zijn ze bezig, het waait hard. Maar met vereende krachten lukt het
om de boel weer te repareren. Gelukkig we liggen weer degelijk vast. De gehele marina kan trouwens wel een onderhoudsbeurt gebruiken.
Het lijkt erop dat er pas aan onderhoud gedaan wordt als iets echt stuk gaat.
De middag vult zich met klussen. Dat zijn we so-wie-so
van plan , onderweg hebben we vaak tegen elkaar gezegd “dat doen we in Zuid Afrika”. Dus de kluslijst was aardig lang geworden. We
gaan hard aan de slag tot eind volgende week, en dan gaan we op safari. Op vakantie.
Donderdag 6 november 2014: Richards Bay
We
blijven vandaag aan boord, er zijn allerlei klussen en kleine dingen te doen. We moeten er ons bij neerleggen, de kluslijst
zal niets afgehandeld zijn voordat we naar Nederland vertrekken. We zijn tijden zoek met het uitzoeken waar we de spullen kunnen kopen
die we nodig hebben. Filters voor de watermaker, gasveren voor de kaartentafel, nieuwe vulpatronen voor de reddingsvesten, nieuwe
batterij voor de epirb, reparatie van de AIS, kit, een slagschroevendraaier, …. het klinkt zo simpel, als je de weg maar weet.
Vrijdag
7 november 2014: Richards Bay
We hebben maandag genoten van de braai, en elke vrijdag is er een braai op de zulu yacht club. Daar gaan
we gewoon nog een keertje van genieten. We wandelen naar de zulu yacht club, het is gezellig druk. Alle zeilers van de small craft
harbour (waar wij liggen) en de zulu yacht club komen hier bij elkaar. Gezellig tafelen, een biertje, en stoere verhalen uitwisselen.
Het visserslatijn vindt veelvuldig plaats, een stevige wind wordt algauw een storm…
Zaterdag 8 november 2014: Richards Bay
We
treffen de Kind of Blue, Dick en Anita weer hier in Richards Bay. Zij zijn een paar dagen voor ons aangekomen. Het is een gezellig
weerzien, en Dick en Anita nemen ons mee in de auto naar het winkelcentrum . We doen de boodschappen, en vinden hier zowaar de gasveren.
Weer een vink op de kluslijst.
In de tussentijd hebben we onze rondreis ook georganiseerd, de auto is geboekt, de overnachten in de
wildparken zijn geboekt, en we hebben de route uitgestippeld. Woensdag 12 november is het zover, dan gaan we vertrekken voor een paar
weken. Door alle enthousiaste verhalen van andere zeilers hebben we erg veel zin in onze rondreis. Kamperen tussen brullende leeuwen….
Zondag
9 november 2014: Richards Bay
Het waait hard, maar gelukkig is onze steiger goed gerepareerd. We brengen nog een extra lijn uit, de
lady ligt zo goed en stevig vast. Het weer is ’s ochtends nog prima, een heerlij k zonnetje. Eigenlijk is het best warm. We drinken
een bakkie koffie bij de La Luna en nemen afscheid, Etienne en Denise vertrokken morgen voor een paar weken naar Nederland. We
mogen hun tent lenen voor onze rondreis, dat wordt toch kamperen tussen de brullende leeuwen….
’s Middags wordt het bewolkt, regen,
en wind. Het weer kan snel veranderen hier. Volgens onze buurman moeten we goed de barometer in de gaten houden. En ja hoor, de barometer
stort in, de volgende morgen is de barometer echter niet zo snel weer omhoog geklommen.
Maandag 10 november 2014: Richards Bay
We
maken kennis met Hebron. Hebron is een manusje-van-alles. Hij werkt al 20 jaar hier in de haven. Per dag vraagt hier 200R (ongeveer
15 euro). We huren Hebron in voor een dag, alle roestvrij staal moet gepoetst worden. Hebron komt rond lunchtijd. “Did you have lunch?”,
vraag ik aan Hebron. “No, ma’am”, antwoord Hebron. Een broodje mee eten kan altijd, we hebben echter koude zuurkoolstamppot op onze
broodje. Eerst maar eens laten proeven. Maar Hebron lust alles. Een glaasje mangosap is ook best wel lekker. Voordat ik het weet verdwijnt
de rest van het pak in zijn rugzak. Zijn vrouw en kinderen vinden dat ook wel lekker.
Als we ’s middags aan de thee zitten met een
koekje moet ik de zak met koekjes redden. Want voordat ik het weet zien we de bodem. Hebron zegt “there are nice, you need to save
some of them for tomorrow with the coffee”
Dinsdag 11 november 2014: Richards Bay
Half acht, knock, knock. Het is Hebron, hij is vroeg. “I always start with coffee”, zegt Hebron. En we zijn wel zo goed, Frans zet koffie. Je raadt het al, Hebron heeft ook nog ontbeten, en ontbijt vrolijk met ons mee. Het is even omschakelen. Maar Hebron is een prima vriendelijke vent. Hij is Zulu, heeft echter maar één vrouw,. Waarschijnlijk kan hij zich niet meer vrouwen veroorloven. Eén vrouw kost 11 koeien. Hij babbelt en verteld honderd-uit. If you love a woman, but she does not like you, she will throw a bucket full of water on top of you”, zegt hij met een brede smile. Kijk dat vind ik nou een geode locale traditie. ”Ik niet”, zegt Frans. Naast klusjesman in de haven, heeft hij een kleine boerderij, met slechts 4 koeien. We spreken af met Hebron dat hij tijdens onze afwezigheid de boot schoon houdt en er een oogje op houdt.
Woensdag 12 november 2014: Richards Bay - Hluhluwe Game Park, Hilltop camp,
afgelegd 140 km (pos 28.04.94S
032.02.65E)
We gaan onze auto voor de komende vier weken ophalen. Met de taxi gaat het naar het vliegveld, daar melden we ons bij de
balie, we vullen alle noodzakelijke papieren in en krijgen de sleutel. We zijn de trotse eigenaar van een fiat 500, kleur rood! Echt
knalrood. Een lekkere schutkleur om naar wild te speuren! Maar het is een heerlijk autootje, echt een mini-autootje, maar er zit nog
een verbazingwekkende hoeveelheid ruimte in.
Als we alle spullen die we mee willen hebben in ons rode monster hebben geladen is de
auto toch echt wel tjokvol. Half twaalf, we nemen afscheid van Dick en Anita (van de Kind of Blue) en daar gaan we dan. Eerste doel
van onze rondreis is Hluhluwe Game Park Samen met imFolozi Game Park (en deze twee parken grenzen aan elkaar vast) het oudste park
van Zuid Afrika, Het is een wildreservaat sinds 1895 en 96000ha groot. Het is op twee uur rijden van Richards Bay en we wanen ons
in een totaal andere wereld.
Direct bij de ingang zien we de eerste wilde dieren, olifanten. Grote Afrikaanse olifanten. Spannend!
We rijden door het noordelijke deel van het pad, olifanten, baboons, neushoorn, buffels, herten, zebra’s, giraffes, impala’s, nyala’s,
het hele dierenrijk komt voorbij. En niet ver weg, nee heel dicht bij. Direct naast de auto. We zien veel jonge dieren, het is hier
voorjaar en dat merk je gaat. De tijd gaat veel te snel, en voordat we het weten moeten we naar Hilltop camp, waar we een rondavel
hebben geboekt. Een ronde hut. We mogen hier van zonsopgang tot zonsondergang rijden. Daarna moet je ‘op je kamer’ zijn. Natuurlijk
is er bij elke rondavel mogelijkheid om te braaien, en dat kunnen we niet laten. Frans stookt gauw een vuurtje en even later liggen
de struisvogelbiefstukken lekker te bakken. Op de achtergrond de geluiden van de wilde dieren, en in de struiken zien we herten. Gelukkig
is dit kamp omheind met hek en schrikdraad, dus de gevaarlijke dieren blijven wel op afstand.
Donderdag 13 november 2014: Hilltop camp, afgelegd 130km
We willen zoveel mogelijk zien, dus om even na vieren staan we op. Het is hier vroeg licht. We hebben
een ochtendtrip geboekt, een jeepsafari. Samen met een gids en nog vier toeristen (Duitsers) gaan we met een jeep op pad, drie uur
rondtoeren. En weer trekt het dierenrijk voorbij. Dit keer zien we zelfs leeuwen, één mannetje, twee wijfjes en een jong. We kunnen
er niet genoeg van krijgen.
Rond acht uur zijn we terug, tijd om te ontbijten. We zitten lekker te smikkelen aan de ontbijttafel en
ondertussen trekken de buffels aan ons voorbij. Het echte out of africa gevoel.
Na het ontbijt gaan we weer zelf op pad. We stappen
in ons rode monstertje en gaan nu naar het zuidelijk deel van het park. Dit deel is minder bebost en meer open grasland. De leeuwen
zien we dit keer niet, maar alle andere dieren komen we wel weer tegen.
Onderweg mag je op bepaalde plaatsen uit de auto, om te picknicken.
En dat doen we. Wel blijft het opletten, regelmatig kijk ik eens achterom, komt daar al iets uit de bossen?
Op de terugweg naar onze
accommodatie steekt een grote groep buffels, ik denk wel een stuk of 100, de weg over. Nou we wachten wel even, de buffel is sterker
dan onze auto. De buffel is trouwens één van de gevaarlijkste dieren, elk ander groot deel geeft aan als-ie verstoord is, kwaad is
of je wilt aanvallen. De buffel niet, onverwachts kan-ie je aanvallen, en in tegenstelling tot de andere dieren, kan de buffel ook
goed zien. Tja en als je dan een rode auto hebt…
Na een kwartier zijn alle buffels overgestoken, grazen weer lekker, en is voor ons
de kust veilig, we gaan terug naar Hilltop.
Vrijdag 14 november 2014: Hilltop camp - Sugarloaf camp (St. Lucia),
afgelegd 140
km (pos 28.38.324S 32.41.952E)
Half zes, de wekker gaat weer af. Dit keer hebben we geen trip met een gids geboekt, we gaan zelf.
We dalen af naar de rivier, de River Hluhluwe. We kunnen een heel eind rijden, passeren de rivier een paar keer, maar op een gegeven
moment wordt de onverharde weg te slecht. We moeten omkeren. Op de heenreis passeren we twee enorme grote olifanten.
Frans vraagt “denk
je dat twee olifanten nog in de buurt zijn?”. We rijden de bocht om, en wat komt daar aan? Precies die twee enorme grote olifanten.
Wat doen we nu? We kijken elkaar eens aan. Schudden ons hoofd, precies. We keren onze auto en gaan terug. Die olifanten zijn toch
wel heel erg groot, en wij zijn erg klein. De olifanten blijven rustig door wandelen op de weg. Richting ons. Telkens hier en daar
gras grazen. Ze gaan onverstoorbaar door. Als ze te dicht bij komen, gaan we weer een stuk verder terug. De adrenaline gaat omhoog.
Gisteren dachten we nog, het valt wel mee. Zo gevaarlijk kan het toch niet zijn?
Na een klein half uur besluiten de grote olifanten
toch maar de weg te verlaten, het gras en kleine boompjes verderop zijn toch smakelijker. We keren de auto, en passeren ze snel. Pfff,
we een avontuur! Het is tijd voor ontbijt, en een kop koffie. Tijd om even bij te komen.
Dan pakken we de spullen in, en maken ons
op voor een laatste trip door het park. We rijden langzamerhand richting de noordelijk uitgang. Onderweg genieten van al het schoon
om ons heen. Boven op een heuvel is het tijd voor een kop koffie, aan de andere kant van de vallei, zijn we een grote groep olifanten.
Dit keer wel 50 stuks. Gelukkig nu ver weg, te ver weg om de weg te blokkeren.
En dan verlaten we het park, jammer.
Het is tijd om
verder te gaan. We gaan naar het dorp Hluhluwe, en vandaar naar St. Lucia. Volgens dek aart hebben we een mooie rustige weg uitgezocht.
Het blijkt een onverharde weg te zijn. Waarschijnlijk de doorgaande route voordat de grote weg is aangelegd. Links en rechts zien
we dorpen, de behuizing is schamel. Af en toe komen we een school tegen, maar ook die zien er arm uit. Veel achterstallig onderhoud.
De ramen zijn stuk. Schooljeugd loopt in uniform langs de kant van de weg.
Naast de weg is een enkel spoorlijn. Op het spoor is het
lekker druk met mensen. Veel mensen zijn bezig met het nationale tijdverdrijf. Zitten en wachten. Of zitten en niets doen.
We komen
uiteindelijk terecht bij weer een natuurpark, iSimangaliso Wetland. En groot nat en moerassig natuurgebied. Een delta, met veel water,
rivieren en meertjes. En heel veel duinen. Ooit was er hier een doorgang naar open zee. Nu is dat dicht, en zijn er duinen ontstaan
van 20 meter hoog. Dit gebied staat bekend om zijn nijlpaarden.
Zodra we naar binnen rijden zien we wildebeesten en zebra’s. Even later
komen we bij een poel terecht. Wat ligt daar? Rotsen midden in het water? Nee hoor het zijn nijlpaarden! Een groep van acht nijlpaarden
en een jong liggen in het midden van de poel. Je mag je auto verlaten, wel op eigen risico. De meeste doden door aanvallen van dieren
worden veroorzaakt door de hippo. Ze lijken groot en log, maar niets is minder waar. Oppassen dus. Af en toe steekt er een zijn kop
boven water uit. En er wordt gegromd en geknord naar elkaar. We kunnen uren blijven kijken.
Maar als we voor donker in St. Lucia willen
zijn moeten we door. We gaan kamperen, van de La Luna hebben we de tent geleend en die gaan we uitproberen vandaag. En wel graag bij
licht.
We zetten de tent op, en op de achtergrond horen we de knorrende hippo’s. Wat een fantastische plek.
Zaterdag 15 november
2014: Sugarloaf camp (St. Lucia), afgelegd 26 km
In de wetlands kom je op hippo’s en krokodillen te zien. Wij dus ook. Omdat we twee
ochtend zo heel vroeg zijn opgestaan, slapen we nu uit. We slapen prima in de tent, met dank aan de La Luna! Frans klaagt alleen dat
of de tent te klein of hij te groot is. Gevolg Frans slaapt diagonaal, en dus blijft er voor mij een klein hoekje over.
De tien uur
boot trip missen we, maar geen probleem om twaalf uur, om twee uur en om vier uur vaart de boot ook. We gaan mee om twaalf uur. De
dame achter de balie voorspelt slechter weer, veel wind en regen. Helaas krijgt ze gelijk. De lucht betrekt al, en dikke wolken komen
aan het front. We houden het nog deels droog, en zien veel hippo’s en krokodillen. De captain weet te vertellen dat hippo’s niet kunnen
zwemmen. Ze laten zich zakken naar de bodem en lopen dan. Af en toe zetten ze zich af en komen naar boven om lucht te happen.
En dan
komt de regen en de wind. Jakkes. We gaan onderdeks en proberen zo droog te blijven. De hippo’s vinden het heerlijk. De wetlands zijn
voornamelijk zout, en nu is het hup de machtige bek open en regenwater opvangen. We krijgen ontzag voor de hippo’s met hang
machtige kaken en krachtige slagtanden.
Zondag 16 november 2014: St. Lucia – uMkhuze Game Reserve, afgelegd 165 km (pos 27.35.746S
032.13.170E)
Vandaag reizen we een stuk verder. We hebben geluk met het weer, het is droog en de tent is ook droog. We krijgen de spullen
lekker droog in de auto. Dan wordt het tijd om inkopen te doen. In een natuurpark is weinig te koop, en met de self-catering accommodatie
moet je je eigen eten meebrengen. Dus we gaan naar de Spar en kopen in voor de komende twee dagen. Het wordt nog even spannend, als
we afrekenen ben ik de autosleutel kwijt. Ik krijg al allerlei visioenen…..maar gelukkig ik loop een rondje door de winkel al peinzend
waar ik de sleutels heb kunnen laten liggen, en ja hoor tussen de t-shirt ligt de autosleutel. Pfff, daar kom ik goed weg.
We starten
de auto en rijden verder. Het eerste stuk gaat snel, via de N2. Dat is de grote weg die helemaal doorloopt tot aan Johannesburg. Het
is best inspannend het autorijden hier in Zuid-Afrika. Op de weg gebeurt van alles, mensen op de fiets (rustig tegen het verkeer in),
mensen lopen langs de weg, ondanks de borden dat er niet gehandeld mag worden langs de (snel)weg vindt je toch allerlei kraampjes
waar van alles te koop aangeboden wordt, dus er wordt gewoon gestopt terwijl het verkeer voorbij raast. De weg is tweebaans, maar
wordt als vierbaans gebruikt. De vluchtstrook aan beide kant tellen namelijk gewoon mee. Af en toe ga je op de vluchtstrook rijden,
dan kan het snelverkeer voorbij, en daarna ga je gewoon weer terug. Het is allemaal even wennen.
Zodra je van de N2 afgaat zijn de
wegen hier onverhard. Dus de laatste 25 km gaan niet zo snel meer. We rijden door een prachtig landschap, langs kleine gehuchten,
zodra we stoppen of langzaam rijden, komen de kinderen naar ons toe, al bedelend om het maak niet uit wat.
Als we het hek passeren
van uMkhuze Game Reserve wordt de weg weer beter en is geasfalteerd. Je kunt wel zien waar het geld zit, zeggen we tegen elkaar.
Zodra
we in het park zijn, komen we het grote wild weer tegen. Giraffes, dit keer met nog een erg jonge giraffe, zebra’s, wildebeesten,
wrattenzwijnen, neushoorns en heel veel antilope-achtigen.
In Mantuma willen we ons melden bij de receptie, maar het is zondag, dus
alles is op tijd gesloten. Gelukkig worden we verwacht en staan we genoteerd op het grote bord, met het nummer van onze hut. Het ziet
er prima uit. Hier blijven we twee nachten, voor onze hut (het is veel luxer dan de naam hut doet vermoeden) lopen de impala’s, de
baboons en de nyala’s. Prachtig.
Tegen half vijf gaan we nog een stukje rondrijden. Dit is namelijk het moment dat de dieren weer tevoorschijn
komen. We zeggen net tegen elkaar “zouden hier ook olifanten zijn?”, of we worden gewaarschuwd. Even verver op het pad zijn olifanten
gesignaleerd. Even later komen er ook twee rangers aan, met geweren. We zijn het gewend, we keren onze auto maar weer eens en gaan
de andere kant op. En ja hoor, dit keer is het een hele kudde olifanten. Een grote stier met een kudde vrouwtjes-olifanten en heel
veel jongen. Prachtig! Maar indrukwekkend. We zorgen wel uit de buurt te blijven. Zodra de olifanten te dicht bij ons in de buurt
komen (of wij bij hen) rijden we weer een klein stukje verder. We blijven een hele tijd bij de wilde olifanten, we kunnen er geen
genoeg van krijgen. Wanneer het gaat schemeren keren we terug naar onze hut.
Maandag 17 november 2014: uMkhuze Game Reserve,
afgelegd 75 km
Half vijf de wekker gaat. Het is net licht. Als we naar buiten kijken zien we de impala’s stoeien voor onze hut. Er
wordt gevochten, de geweien gaan heftig tegen elkaar. Dat is nog eens wakker worden.
Vanaf vijf uur mogen we zelf rijden door het park,
en dat is het mooiste moment van de dag om de dieren te zijn. Het is vroeg, maar we worden beloond. Eerst zien we een kleine kudde
zebra’s, ze staan nog te slapen en worden wakker wanneer we langs rijden. Daarna moet Frans in de remmen wanneer giraffe’s de weg
oversteken, even later gevolgd door de wildebeesten.
En wat zit daar langs de kant van de weg? We kijken nog eens goed, en ja hoor
het is een cheeta. Heel langzaam rijden we vooruit, de cheeta blijft rustig zitten en kijkt waakzaam om zich heen. Dan worden de poten
gestrekt en wandelt ze rustig over de weg naar de andere kant, om langzaam tussen het struikgewas te verdwijnen. We zijn onder de
indruk! En dan te bedenken dat er in dit park slechts 9 cheeta’s leven.
In dit park zijn veel zogeheten hides. Oftwel observatie hutten.
Eén van de observatie hutten staat bij een meer, de Nsuma pan. Daar gaan we ontbijten en kijken we uit over het meer. Maar het is
zo koud, dat we het er niet lang uithouden.
We vervolgen onze rondrit door het park. Even verderop zien we baboons (apen), neushoorn
en een nijlpaard grazend in het gras.
Om negen uur zijn we terug bij onze ‘hut’. Tijd om even te relaxen. In de loop van de middag
doen we nog een rondrit maar we zien minder dan dat we tijdens de ochtend hebben gezien.
Dinsdag 18 november 2014: uMkhuze Game
Reserve – Sabie, afgelegd 564 km (pos25.06.467S 030.45.340E)
Het is tijd om verder te trekken. Eerst even benzine tanken en dan kunnen
we verder. We hebben een lange afstand vandaag voor de boeg. Het landschap is afwisseld, is het eerste stuk nog prachtig, hoge bergen
en diepe dalen, al snel gaat het landschap over in een glooiend landschap. Veel weidelanden en landbouwgrond. Ook zien we veel dag-mijnbouw.
We hebben KwaZulu-Natal verlaten, het land van de zulu. We rijden nu door de transvaal, het deel van afrika waar de voortrekkers zich
gevestigd hadden en een eigen staat stichtten. En dit is ook het gebied waar de Boerenoorlogen zich hebben afgespeeld, de Engelsen
hebben transvaal uiteindelijk ingelijfd en opgenomen in het land Zuid Afrika.
De voortrekkers hebben duidelijk hun sporen achter gelaten.
Het is net of we door Nederland rijden, overal bekende plaatsnamen, we rijden van Amersfoort, via Amsterdam naar Ermelo. Nelspruit, Voetpad, Wakkerstroom, Middelburg, Volkrust, Oshoek, Morgenzon, Badplaas de meeste wonderlijke namen kom je tegen. En we horen veel
Afrikaans om ons heen.
We rijden door naar Sabie, ongeveer 100 km van het kruger park. Dit gebied staat bekend om zijn prachtig natuur,
hoge bergen, diepe dalen en ravijnen. En dat willen we komende dagen gaan verkennen voordat we naar het krugerpark gaan.
We zijn moe,
er wordt niet meer gekookt. In de lonely planet wordt de Wild Fig Tree aangeprezen en daar gaan we eten. De afgelopen dagen hebben
we antilopen, impala’s en springbok gezien in de wildparken, dit keer liggen ze op ons bord. En het smaakt heerlijk!
Woensdag
19 november 2014: Sabie, afgelegd196 km
We hebben voor drie nachten een leuke logeerplek gevonden bij Brian en Lesley, Engelsen die
al jaren in Zuid Afrika wonen. We hebben een appartement, eigen keuken, eigen douche en toilet. Volgens Lesley is het erg klein, maar
wij vinden het prima. Van hieruit kunnen we de omgeving prima verkennen.
Vandaag gaan we het landschapschoon bewonderen. Eerst rijden
we naar Graskop, bij Graskop (een kleine plaats van met 2000 inwoners en op bijna 1500 m hoogte) liggen een drietal prachtige vergezichten,
pinnacle, god’s window en wonder view. Helaas rijden we zo de wolken in, dus de vergezichten zijn niet zo ver.
We rijden door naar
Blyde River Canyon, het meeste bekende stukje hier. En de reisgidsen hebben niet overdreven. Het is prachtig. Door erosie en daar
vulkaan uitbarstingen is hier een mooi landschap ontstaan, hoge bergen ,diepe dalen en kloven, en daartussen door de rivieren de treur
en blyde.We nemen de tijd voor de mooie natuurschoon. Op elke plek waar we stoppen, stoppen natuurlijk ook veel meer toeristen. En
dat heeft de lokale bevolking ook ontdekt. Overal kraampjes vol met souvenirs, maskers, tafelts, allerei houtsnijwerk, kettingen,
kraaltjes en bling-bling. En elke kraam verkoopt hetzelfde. Ze prijzen elkaar de markt uit.
Het wordt tijd om om te keren, op de terug
weg stoppen we nog een keer bij Graskop, en dit keer hebben we geluk. De wolken zijn verdwenen en de vergezeten bij de pinnacle en
wonder view zijn nu echt vergezichten.
Als we bij ons appartement aankomen, barst de onweer los. We zijn net op tijd binnen.
Donderdag
20 november 2014: Sabie, afgelegd 39 km
Een rustige dag vandaag. We blijven in en om Sabie. ’s Ochtends eerst naar het stadje, tijd
voor een kop koffie en een internet café. Het is hoog tijd om de website bij te werken. En daarna gaan we Sabie verkennen. Het is
een kleine dorpje, en iedereen kent elkaar. Het doet wel gezellig aan, maar we zijn zo uitgekeken. We willen naar het museum voor
de houtkap, natuurlijk zijn we er rond lunchtijd, dus het museum is gesloten. Dan gaan we maar door naar één van de vele watervallen
die Sabie rijk, in de lekkere schaduw van de watervallen picknicken. Eenmaal terug naar Sabie, doen we nog een poging om het museum
te bezoeken. Dit keer treffen we, het museum is open. Het is wel aardig, maar erg enthousiast zijn we niet. Een beetje oubollig vinden
we.
Het is tijd om terug te gaan naar ons appartement, gauw nog eerst even boodschappen doen, want morgen gaan we naar het kruger park
park, en daar is het moeilijk boodschappen doen.
Vrijdag 21 november 2014: Sabie – Skukuza (Kruger National Park), afgelegd 167
km (pos 24.59.801S 031.35.597E)
We raken er langzamerhand geoefend en bedreven in, het is even werk en puzzelen maar alles past
toch weer in de auto. Al lijkt het wel of we elke dag meer in te pakken hebben.
Negen uur we zitten in de auto, nemen met een zwaai
afscheid van Brian en Lesley en gaan richting het Kruger Park. We nemen de prachtige route via Hazyview, want daar in de buurt ligt
het culturele dorp Shangana en daar willen we een kijkje nemen. We rijden fout , even verderop passeren we een kraampje met prachtige
gekleurde doeken. We stoppen en nemen een kijkje. “Hello boss, hello ma’am’, how are you?”. We worden vriendelijk begroet. Het zijn
prachtige doeken, we vragen wat de prijs is “100 rand”, is het antwoord. We willen drie voor de prijs van twee. We bieden 200 rand.
Er verschijnen diepe rimpels in het voorhoofd. Rekenen is hier moeilijk. Maar het lukt, uiteindelijk wil hoe 75 rand per doek, als
we 210 rand bieden breekt er een stralende glimlach door op zijn gezicht. Zijn dag is goed en de onze ook. “Goodbye boss, goodbye
ma’am, have a nice day” en we rijden verder.
Het Shangana dorp is ons te toeristisch, na een korte blik op de crafts markt besluiten
we om het dorp niet te bezoeken, voor elke rondleiding door het dorp heb je een gids nodig en je moet betalen bij de receptie. Het
lijkt ons folkore.
Het Kruger Park trekt, het Kruger Park is 380 km lang en daar gaan we de komende 5 dagen in doorbrengen. Via
Phaberi gate gaan we naar binnen. We zien een bord vol. De bezoekers worden geteld, en op een gegeven moment wordt het park afgesloten
wanneer er teveel bezoekers komen. Gelukkig hebben we alle overnachten gereserveerd en mogen we naar binnen. Bij de toegang wordt
streng gecontroleerd met name op wapens. In de afgelopen 5 jaar zijn 3000 neushoorns gedood door stropers, en 65% daarvan vond plaats
in het Kruger Park. Wanneer we in het Skukuza kamp aan de praat komen met een andere kampeerder, blijkt dat gisteren net een neushoorn
gevonden is, dood en van beide hoorn ontdaan. Een hoorn weeg gemiddeld 4 kilo, en één kilo brengt $90.000. De geruchten gaan dat de
rangers zelf en dan de witte man, tot de stropers bende behoren.
Vlak na de ingang zien we giraffes, vlak langs de weg. We zien weer
heel veel wild, en genieten volop. Hoogtepunt vandaag zijn de wilde honden. We doen een sunset drive, maar dan met onze eigen auto.
De lucht betrekt, en even later trekt er een enorme Afrikaanse onweersbui over ons heen. Weerlichten alom. De felle bliksemschichten
gaan horizontaal en verticaal. Een fascinerend schouwspel. En het regent flink. Dat kunnen ze hier wel gebruiken, want het is erg
droog. De meeste rivieren zijn opgedroogd. En tijdens de onweersbui trekt er opeens een roedel wilde honden over de weg. Zeldzaam,
want de wilde honden wordt met uitsterven bedreigt. Er leven er slechts 350 in Kruger Park.
Elk kampement is omheind, met een hek,
de poort gaat ´s avonds om half zeven dicht, en ´s ochtends om half vijf open. En het is maar goed dat er een hek omheen zit. ´s Avonds
zitten we op onze veranda, en wat horen we daar toch? We zien iets bewegen aan de andere kant van het hek, hebben we eerste impala´s
en nyala´s gezien aan de andere kant van het hek, nu is het serieuzer. Een hyena komt langs sluipen. Bah, lelijke gemene beesten.